• 12 OKT 14
    Uw kaakgewricht probleem

    Uw kaakgewricht probleem

    Pijn in de kaken, moe van het kauwen, aanhoudende pijn in of om het oor. Dit zijn klachten die voor u en uw tandarts aanleiding kunnen zijn om te onderzoeken of er een probleem is met uw gebit, uw kaakgewricht of uw kauwspieren.

    Het kaakgewricht bestaat uit een gewrichtskop en een gewrichtskom, bekleed met een laagje kraakbeen. Het kaakgewricht bevat een gewrichtsschijfje (discus), te vergelijken met de meniscus in de knie. Deze discus glijdt als een stootkussen mee met het kaakkopje in de gewrichtskom en voorkomt slijtage van de gewrichtsoppervlakken.

     

    Wat is het probleem

    Knappend geluid. Het kan voorkomen dat de discus niet altijd op zijn plaats (boven op het kaakkopje) blijft zitten. Soms schiet de discus vóór het kaakkopje, waardoor het kaakgewricht bij het openen en sluiten van de mond een knappend of krakend geluid laat horen.

    Onderkaak op slot of pijn in de kauwspieren. Het kaakgewricht is omgeven door kauwspieren. Veel voorkomende kaakgewrichtsklachten zijn pijn in de kauwspieren of in het kaakgewricht met soms een uitstraling naar de nek en schouders en een vermoeid en stijf gevoel in de kauwspieren, vooral s’ ochtends bij het opstaan. Een andere klacht kan zijn een beperkte mondopening of het “op slot zitten” van de onderkaak.

     

    Oorzaken

    Tandenknarsen en kaakklemmen door spanningen. De meeste oorzaken van kaakgewrichtsklachten zijn lastige gewoonten zoals kaakklemmen en knarsen. Dit wordt ook wel “bruxisme” genoemd. Tandenknarsen en kaakklemmen gebeuren vooral s’ nachts. Soms blijken deze gewoonten veroorzaakt te worden door spanningen. Verder kunnen ziekten, zoals reumatische aandoeningen, kaakgewrichtsklachten veroorzaken.

    Andere oorzaak: klap in het gezicht. Een ernstige verwonding aan de onderkaak kan ook kaakgewrichtsklachten veroorzaken. Zo kan een klap een zwelling veroorzaken in het gewricht of de discus beschadigen. Soepele bewegingen van de onderkaak zijn dan niet meer mogelijk en het gewricht zal pijn gaan doen.

    Wat zijn uw klachten? De tandarts zal via uitgebreid onderzoek van onder meer het gebit, het kaakgewricht en de kauwspieren proberen te achterhalen waar de klachten vandaan komen. Hij kijkt of tanden en kiezen opvallend  zijn afgesleten en of ze goed op elkaar passen.  De tandarts let op geluiden in het kaakgewricht en onderzoekt het functioneren van de onderkaak door bijvoorbeeld te testen hoe ver u uw mond kunt  openen. Ook zal de tandarts van u willen weten of u last heeft van lichamelijke klachten of andere spanningen.

     

    Behandeling

    Wat is er aan kaakgewrichtsklachten te doen. Het kaakgewricht in zijn optimale vorm terugbrengen is nauwelijks mogelijk. In de beginfase kan de therapie bestaan uit een duidelijke uitleg van het probleem, pijnbehandeling, oefentherapie of het aanbrengen van een zogenaamde splint. Een splint is een vlak van kunsthars dat op tanden en kiezen wordt geplaatst om het gewricht te ontlasten. De kaakchirurg zal in sommige gevallen voor een operatieve behandeling kiezen.

    De oorzaak wegnemen door botuline toxine. Soms wordt ook wel een verdovende vloeistof (botuline toxine) ter plaatse ingebracht om het kaakgewricht tot rust te laten komen. Hiermee wordt verder tandenknarsen en kaakklemmen voorkomen

    Wat kunt u zelf nog meer doen. Als u klachten heeft aan het kaakgewricht of de kauwspieren is het belangrijk dat u deze (tijdelijk) ontziet. Dat wil zeggen dat u ze zo min mogelijk belast door geen voedsel af te bijten en niet te grote voedsel brokken te kauwen.

     

    Deze adviezen kunnen u hierbij helpen:

    Gun uw kaakgewrichten zo veel mogelijk rust. Zorg er voor dat u geen bewegingen maakt waarbij het kaakkopje naar voren schuift, dan wel uit de kom schiet. Vermijd het wijd openen van uw mond, ook als u geeuwt of lacht. Ondersteun zo mogelijk de onderkaak, zodat de mond minder ver open gaat.

    Als u eet, gebruik dan niet uw voortanden om iets af te bijten. Voor het kaakgewricht is het minder belastend als u voedsel met uw hoektanden en/ of kiezen afbijt. Stop kleine hoeveelheden voedsel in de mond. Gebruik geen erg hard of taai voedsel, zoals bijvoorbeeld taai vlees, oude kaas, nootjes, harde appels, stokbrood, rauwe wortels en dergelijke. Soms is het beter om alleen zacht voedsel zoals gehakt, puree, appelmoes en brood zonder korst te eten of het voedsel met bijvoorbeeld een staafmixer te malen.

    Vermijd langdurige belastingen van het kaakgewricht door gewoonten zoals nagelbijten, tandenknarsen, kiezenklemmen en kauwgom kauwen. Gebruik uw tanden niet als gereedschap om dingen, bijvoorbeeld balpennen of spijkers, vast te houden of om draadjes door te bijten.

    Geen schuine belasting. Als u kauwt, moet u juist aan die kant kauwen waar uw kaakgewricht pijn doet. Dit is belangrijk omdat er anders te veel ‘schuine belasting’ komt te staan op de kant van het gewricht waar u klachten heeft. Te zijner tijd moet u aan beide kanten gaan kauwen.

    Vertel uw tandarts. Het is belangrijk om bij een eventuele behandeling uw tandarts te informeren over uw klachten; u mag uw mond niet te lang wijd openen.

     

    Heeft u nog vragen?

    Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen, dan kunt u contact opnemen met de kaakchirurgie kliniek KC-Flevoland in Almere of Lelystad.

    De KC-Flevoland kliniek is bereikbaar per telefoon: 088 – 444 79 79.

Andere behandelingen van KC-Flevoland